Betrouwbaarheid: verschil tussen versies

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken
(als cluster toegevoegd)
(Een tussenliggende versie door een andere gebruikerIedere persoon, organisatie of functionele eenheid die gebruik maakt van een informatiesysteem niet weergegeven)
Regel 2: Regel 2:
 
|Definitie=De mate waarin de organisatie zich voor de informatievoorziening kan verlaten op een informatiesysteem. De betrouwbaarheid van een informatiesysteem is daarmee de verzamelterm voor de begrippen beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid.
 
|Definitie=De mate waarin de organisatie zich voor de informatievoorziening kan verlaten op een informatiesysteem. De betrouwbaarheid van een informatiesysteem is daarmee de verzamelterm voor de begrippen beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid.
 
|Bron=VIR (Voorschrift Informatiebeveiliging Rijksdienst)
 
|Bron=VIR (Voorschrift Informatiebeveiliging Rijksdienst)
|Vastgesteld in=NORA 3.0
+
|Vastgesteld in=NORA 3.0 Principes voor samenwerking en dienstverlening
 
|Gebruik hoofdletters=Nee
 
|Gebruik hoofdletters=Nee
 
}}
 
}}
 +
==Cluster==
 +
{{cluster}}

Versie van 13 sep 2018 om 12:21

Tekening van boek met a en z er op
Onderdeel van Begrippenkader NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur


Beschrijving:

Bron:
Vastgesteld in: NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur 3.0 Principes voor samenwerking en dienstverlening



Wordt op andere pagina's toegelicht met een 'tooltip': Nee

Cluster

Afgeleide principes bij dit cluster:


Vervallen of vervangen principes bij dit cluster:

  • AP35: De levering van de dienst is continu gewaarborgd.
  • AP36: Wanneer de levering van een dienst mislukt, wordt de uitgangssituatie hersteld
  • AP37: Dienstverlener en afnemerDe persoon of organisatie die een dienst in ontvangst neemt. Dit kan een burger, een (medewerker van een) bedrijf of instelling dan wel een collega binnen de eigen of een andere organisatie zijn. zijn geauthenticeerd wanneer de dienst een vertrouwelijk karakter heeft
  • AP38: De betrokken faciliteiten zijn gescheiden in zones.
  • AP39: De betrokken systemen controleren informatie-objecten op juistheid, volledigheidBetekent dat alle procesgebonden informatie is vastgelegd en wordt beheerd die aanwezig zou moeten zijn conform het beheerregime dat voor dat proces is vastgesteld. en tijdigheid.