Hoofdlijnen van de EU-Architectuur

Uit NORA Online
Versie door GerbenWulff2 (overleg | bijdragen) op 1 jul 2024 om 22:13 (→‎Grondslagen vanuit de EU: Links aangepast)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Om beter zicht te krijgen op de vele afspraken, ontwikkelingen in Europa die relevant zijn voor de Nederlandse overheidsdienstverlening, schetsen we aan de hand van het Vijflaagsmodel een beeld op hoofdlijnen van de aspecten die relevant zijn voor de architectuur.
We doen dat onder de werktitel "EU-Architectuur", wetende dat er geen EU-breed vastgestelde EU-Architectuur is bepaald. Maar dit is ons actuele beeld en we verwachten dat we hiermee de overeenkomsten en verschillen met de Nederlandse overheidsarchitecturen beter kunnen duiden. Door het Vijflaagsmodel te gebruiken is de interoperabiliteit tussen Nederland en de EU immers op 5 belangrijke invalshoeken beter met elkaar te vergelijken. Zeker wanneer we daarbij gebruik maken van de ArchiMate-uitwerkingen van de EIRA. Naast de relatie met de EIRA is de NORA ook afgestemd op de EIF, door hier bij het vaststellen van de Implicaties van Architectuurprincipes rekening mee te houden. Door te voldoen aan de NORA kan dus meteen ook worden voldaan aan de EIF.

Grensoverschrijdende dienstverlening[bewerken]

Een steeds groter deel van de Nederlandse overheidsdienstverlening is grensoverschrijdend. Dat grensoverschrijdende karakter is onder te verdelen in drie categorieën:

  • Nederlanders die met het buitenland te maken hebben,
  • diensten voor Nederlanders in het buitenland, of
  • buitenlanders die met Nederland te maken hebben.

De EU valt onder de categorie buitenland en heeft daarbinnen een bijzondere positie door de specifieke afspraken van NL met de EU.
Bij het ontwerp van de dienstverlening wordt in Nederland geprobeerd de dienstverlening steeds te verbeteren. Hiertoe wordt geprobeerd om diensten slimmer te organiseren en de communicatie te verbeteren. Vooral door processen logischer in te richten en steeds te redeneren vanuit het perspectief van mensen. Dit heeft geresulteerd in diverse websites waar burgers die op zoek zijn naar specifieke informatie of diensten, een korte beschrijving van die informatie en diensten kunnen vinden met een link naar de meer specifieke website(s) daarover.
Voor iedereen die op zoek is naar informatie en diensten van de Nederlandse overheden is er de centrale website Overheid.nl. Op Overheid.nl is ook een onderverdeling in levensgebeurtenissen te vinden. De indeling in levensgebeurtenissen maakt de informatie toegankelijk vanuit het perspectief van burgers. Via de website MijnOverheid.nl kan een burger (na in te loggen) persoonlijke informatie en berichten bekijken. De overheid heeft ook een internationaal georiënteerde website, Government.nl, die zich meer richt op informatie die relevant is voor buitenlanders die met Nederland te maken hebben.
Ook de EU heeft een website voor burgers en bedrijven: YourEurope. Deze biedt toegang tot informatie van de EU en nationale websites van lidstaten en kan dus gebruikt worden door Nederlanders die met het buitenland te maken hebben, of door buitenlanders die met Nederland te maken hebben.
Waar de lidstaten invulling geven aan de dienstverlening aan burgers en bedrijven, richt de EU zich er vooral op dat de dienstverlening in alle lidstaten aan specifieke voorwaarden voldoet. Hierdoor is er in de EU nauwelijks sprake van het ontwerp van specifieke dienstverlening aan burgers. Een belangrijk aandachtspunt van de EU is het faciliteren dat diensten van lidstaten zo veel mogelijk grensoverschrijdend (kunnen) worden aangeboden.
De aanbieders van overheidsdiensten hebben hun eigen websites waarop ze deze diensten aanbieden. Verschillende overheden gebruiken verschillende architecturen op basis waarvan deze websites zijn ontworpen. In Nederland zijn deze architecturen onder te verdelen in bestuurlijke lagen, domeinen en sectoren. Tezamen vormen deze overheidsarchitecturen de NORA Familie.

Grondslagen vanuit de EU[bewerken]

De EU Wet- en Regelgeving, gepubliceerd op EUR-Lex, heeft doorwerking in de Nederlandse samenleving. Dat komt omdat een Europese verordening een rechtstreekse werking heeft in alle EU-landen en een Europese richtlijn een bepaald doel vastlegt dat alle EU-landen moeten bereiken. De lidstaten mogen dan zelf de Nationale wet- en regelgeving vaststellen waarmee dat doel te bereiken is. Doorgaans wordt hiertoe in Nederland een uitvoeringswet aangenomen, waarmee in veel gevallen bestaande Nederlandse wetten worden aangepast of vervangen.

Bepaalde algemene EU W&R is relevant voor alle grensoverschrijdende dienstverlening van Nederland, met daarnaast diverse domein- c.q. sector-specifieke EU W&R die alleen relevant is voor de dienstverlening in het betreffende domein c.q. sector. De algemene EU W&R die naar onze inzichten relevant is voor alle grensoverschrijdende dienstverlening van Nederland, hebben we in de NORA opgenomen als Beleidskaders internationaal. Daarbij verwijzen we enerzijds naar de bron ervan (EUR-Lex), met daarbij behorende metadata, zoals de status en een toelichting (doorgaans overgenomen van DigitaleOverheid.nl) en verwijzen we anderzijds naar de gerelateerde NL W&R en specifieke informatie voor architecten.

De EU W&R die alleen relevant is voor de dienstverlening in een specifiek domein c.q. sector, wordt niet in de NORA opgenomen, maar in de overheidsarchitecturen die over die domeinen c.q. sectoren gaan, zoals de ROSA voor het Onderwijs of de KarWeI voor het Sociale domein. Zie NORA Familie.

Het Kennis- en exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties (KOOP) beheert verschillende applicaties waarin verbanden van Nederlandse regelgeving met Europese regelgeving worden onderhouden. In het Informatiesysteem Wetgeving In-wording (KIWI) wordt regelgeving in wording gekoppeld aan EU-regelgeving. Deze applicatie is alleen toegankelijk voor departementale medewerkers. Deze links worden onderhouden door de overheidsorganisaties die de Nederlandse regelgeving maken. Daarnaast is er Linked data overheid (LiDO) die een index op EU-regelgeving heeft en verwijzingen in Nederlandse regelgeving naar EU herkent en laat zien. Niet alle voor de NORA relevante EU-regelingen worden in dit systeem herkend.

In de onderstaande afbeelding staat een indeling naar zowel algemene W&R als domein-specifieke W&R: Alt="De afbeelding laat zien dat er veel EU wetgeving is, zowel algemene wet- en regelgeving, als sector-specifieke regelgeving"

Onderstaande afbeelding geeft de onderlinge relaties tussen W&R aan: Alt="De afbeelding toont een aantal voor de NORA relevante EU verordeningen en hun relaties met andere EU wet- en regelgeving"

Organisatie van de EU[bewerken]

Diverse EU-organisaties zijn betrokken bij de grensoverschrijdende diensten binnen de EU. Welke organisaties dat zijn en hoe de Nederlandse (overheids)organisaties met die EU-organisaties samenwerken om de juiste dienstverlening te realiseren, staat beschreven bij EU organisaties en Nederlandse participatie.

Informatie-aspecten van de EU[bewerken]

De informatie-objecten die voor grensoverschrijdende diensten van belang zijn, zullen bij voorkeur naadloos aansluiten op de informatie-objecten die relevant zijn voor de overheidsdienstverlening binnen Nederland, opdat geen misverstanden ontstaan over de betekenis van die informatie en optimaal hergebruik van gegevens c.q. informatie kan plaatsvinden. Maar welke informatie-objecten zijn dan door (de landen van) de EU onderkend en hoe sluiten die qua betekenis en beschrijving aan op de informatie-objecten die binnen Nederland zijn onderkend?

De NORA bevat informatie over een verschillende informatie-objecten die van belang zijn voor de overheidsdienstverlening, maar er is momenteel nog geen uitputtend overzicht van de informatie-objecten die voor grensoverschrijdende diensten van belang zijn. In het vijflaagsmodel in de NORA maken al deze informatie-objecten deel uit van de Informatielaag.

Om te beginnen bevat de NORA een overzicht van standaarden. En op de pagina Standaarden internationaal staat een toelichting over het gebruik van internationale standaarden.

De betekenis van informatie-objecten, ofwel begrippen die gebruikt worden in de processen en diensten van de overheid, zijn te vinden in de verschillende gegevenswoordenboeken en via het Nationaal Semantisch Vlak. Een belangrijke Europese bron voor het Nationaal Semantisch Vlak zijn de Core Vocabularies. Deze bevatten de EU-referentiegegevens en -bronnen voor kennisbeheer.

De European Interoperability Reference Architecture (EIRA) is een van de producten van het EU-programma ISA (Interoperability Solutions for European public Administrations). Het is een Europese referentiearchitectuur voor grensoverschrijdende publieke dienstverlening, dus over de grenzen van landen en sectoren heen. De EIRA bevat een informatiemodel dat diverse informatie-objecten omvat die naar de mening van de EU relevant zijn voor de overheidsdienstverlening van lidstaten. Een uitgebreide analyse van dat EU informatiemodel met de NORA Informatielaag heeft nog niet plaatsgevonden, maar zal als aandachtspunt worden ingebracht bij de Expertgroep Gegevensmanagement.

Applicaties van de EU[bewerken]

Door de EU zijn en worden diverse applicaties (software) ontwikkeld en beheerd zodat die te hergebruiken zijn voor de grensoverschrijdende diensten binnen de EU. Welke EU applicaties dat zijn, is aangegeven bij Bouwstenen internationaal.

De EU beschrijft bouwstenen als open en herbruikbare digitale oplossingen. Deze kunnen de vorm hebben van een raamwerk, standaard, software, of software as a service (SaaS), of een combinatie van deze oplossingen. Europese bouwstenen worden onderschreven door de EU en zorgen er voor dat digitale diensten verenigbaar zijn met diensten van andere dienstenaanbieders.

De EU verdeelt haar bouwstenen in vijf functiegebieden:

  • eDelivery voor het veilig uitwisselen van elektronische gegevens en documenten
  • eID voor de elektronische identificatie van Europese gebruikers
  • eInvoicing voor het sturen en ontvangen van elektronische facturen met geautomatiseerde verwerking in lijn met de Europese standaard
  • Once-Only Technical System (OOTS) voor het reduceren van de administratieve lasten van burgers en bedrijven. Deze categorie is nog in ontwikkeling.
  • eSignature voor het creëren en verifiëren van elektronische handtekeningen

Nederlandse bouwstenen maken gebruik van Europese bouwstenen, zodat diensten grensoverschrijdend kunnen worden aangeboden. Er is echter nog geen overzicht van hoe de Nederlandse applicaties samenhangen met de EU/internationale applicaties.
In het vijflaagsmodel in de NORA maken de applicaties deel uit van de Applicatielaag.

IT-infrastructuur van de EU[bewerken]

Van de voorzieningen die deel uitmaken van EU IT-infrastructuur is geen alomvattend overzicht beschikbaar. Ook van de samenhang hiervan met de Nederlandse IT-infrastructuur is geen overzicht beschikbaar.
In het vijflaagsmodel in de NORA is de IT-infrastructuur de 5e laag (voorheen werd dat de Netwerklaag genoemd).

Door de EU is en wordt een IT-infrastructuur ontwikkeld en beheerd zodat die te hergebruiken is voor de grensoverschrijdende diensten binnen de EU. Nederland is op die IT-infrastructuur aangesloten. Eén zo'n voorziening is het sTESTA (secure Trans European Services for Telematics between Administrations) netwerk. In Nederland is het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) verantwoordelijk voor de aansluiting op sTESTA. De technische aansluiting is belegd bij stichting RINIS (Routerings Instituut (inter)Nationale InformatieStromen). RINIS beheert een knooppunt voor het elektronisch uitwisselen van gegevens in het publieke domein.
Een belangrijke basis infrastructuur voor grensoverschrijdende dienstverlening wordt gevormd door het internet, en is gebaseerd op diverse internet-standaarden, zoals IPv6 en IPv4.