NORA Gebruikersraad/2015-04-14

Uit NORA Online
< NORA Gebruikersraad
Ga naar: navigatie, zoeken

Bijeenkomst van NORA Gebruikersraad op dinsdag 14 april 2015, 13.00-17.00, locatie: Huis van Europa, Korte Vijverberg 5/6, 2513 AB Den Haag. .

Aanwezigen[bewerken]

Opening en mededelingen[bewerken]

  • Welkom en introductie door Eduard Slootweg, Head of Office European Parliament. Het huis van Europa is een paperless office, waar wordt gewerkt met iPads. Zoals ook de Senaat in Nederland. Straks is het gehele archief digitaal! Vanuit het Nationale Parlement wordt gesproken met het Europese Parlement om ook daar te komen tot een volledig paperless office,
  • NORA neemt deel aan de Jaarbeurs Overheid & ICT op 22 en 23 april met het thema ‘NORA wise’ werken aan digitale dienstverlening. Enkele leden van de Gebruikersraad sluiten aan bij de Ronde Tafel bijeenkomst op 23 april.
  • Het Curriculum Rijksarchitecten is in 2014 gestart en richt zich vooral op de meer ervaren business architecten van het Rijk. Het 2e curriculum start in september 2015, kent wederom ca. 20 deelnemers en is inmiddels volgeboekt. Voor de Gebruikersraad een onderwerp om op de agenda te houden in het licht van het versterken van de architecten-functie. Inhoudelijk is het curriculum gericht op communicatieve competenties, zoals: hoe kom je over en hou je een helder betoog. Ook wordt ingespeeld op de BIT-regels en het e-competence-framework van Rijksarchitecten.
  • Op 12 mei staat het ICTU cafe in het teken van “Architectuur en Agile, vriend of vijand”, met bijdragen van Dirk Jan van der Linden (LRK en Agile), Kees Keuzenkamp (Vreemdelingenketen en Architectuur) en Herriët Heersink (NORA).
  • Op 21 mei vindt het i-Bestuur Mobility congres plaats. Parallel hieraan start het Overheid Mobility Overleg (OMO), dat gaat over de verbinding van mobility met architectuur vanuit het perspectief van de NORA afspraken.
  • Op 20 en 27 maart jl. zijn Serious Ambtenaren bij ICTU aan de slag geweest met het vraagstuk: Hoe leg je bestuurders uit wat de NORA is en hoe bereik je de doelgroep van publieke professionals, niet zijnde architecten, om met de NORA aan de slag te gaan? Het resultaat van deze Serious Ambtenaar is een opzet voor een “GoverNORA” app. Hier wordt de komende tijd nog verder mee aan de slag gegaan.
  • NORA en Nationaal Archief zijn een samenwerking gestart om praktische kennis en ervaring van Digitale Duurzaamheid voor architecten en ontwerpers te borgen in de NORA. Dit is het centrale thema voor de Gebruikersraad op 9 juni 2015.

Agenda gebruikersraad en analyse van enquete (PDF, 742 kB)[1]

Europese ontwikkelingen in relatie tot de NORA[bewerken]

Binnen de Europese Commissie (EC) wordt vanuit verschillende programma’s aandacht besteed aan grensoverschrijdende interoperabiliteit van de eOverheid. Zo wordt binnen het ISA-programma gewerkt aan een European Interoperability Framework (EIF). In opdracht van NORA heeft PBLQ een onderzoek uitgevoerd en Evert-Jan Mulder (PBLQ) licht de bevindingen toe van de relatie tussen NORA en de ontwikkelingen bij de EU.


Duidelijk is dat organisatie overschrijdende informatie-uitwisseling toeneemt en zich niet meer beperkt tot de Nederlandse grens. De impact en het besef van de Nederlandse overheid dat we er ‘iets’ mee moeten groeit. Een ontwikkeling waar een unieke rol voor de NORA is weggelegd om toegevoegde waarde te bieden. Bijvoorbeeld via een Nationaal platform, waar kennis en expertise, zowel vanuit de horizontale bestuurslagen als de sectorale uitvoering samenkomt en van daaruit de verbinding legt met Europa.De NORA is in naam een architectuur, maar wordt vanuit Europa vooral gezien als een interoperabiliteitskader. Daar waar in Nederland de nadruk ligt op interconnectiviteit op systeemniveau en gegevensuitwisseling, kijkt Europa ook naar organisatorische, juridische en zelfs politieke aspecten.

De uitwerking en invulling van interoperabiliteit vindt binnen de EU feitelijk plaats binnen twee arena’s:

  • De horizontale interoperabiliteit, waar het vooral gaat om algemene concepten, instrumenten en concrete bouwstenen, die invulling geven aan (het faciliteren van) grensoverschrijdende dienstverlening. Belangrijke actoren hierbij zijn DG Digit, DG Connect en het ISA-programma.
  • De Cross-sectorale interoperabiliteit, waarbij vanuit de diverse sectorale DG’s van de Commissie eisen worden gesteld aan interoperabiliteit. Deze sectorale DG’s ontwikkelen programma’s die specifiek raken aan interoperabiliteit binnen een bepaalde sector (bijvoorbeeld douane, sociale zekerheid, grensbewaking). Regelgeving van deze DG’s kan een sterke cross-sectorale impact hebben op Nationale informatie-architecturen. Zo had de Dienstenrichtlijn (van DG Interne Markt) sterke impact op het aspect van eDienstverlening en heeft de Richtlijn INSPIRE (van DG Milieu) impact op de standaardisatie binnen het geo-domein.
  • Gepleit wordt voor een sterke, directe, betrokkenheid van NORA bij het ISA programma, waarbinnen steeds meer kaders en hulpmiddelen rondom interoperabiliteit worden ontwikkeld. Daarnaast is meer afstemming noodzakelijk rondom vraagstukken die spelen binnen de totstandkoming van de Europese informatie-infrastructuur op basis van de large scale pilots van DG Connect. De NORA kan hier een bijdrage leveren, zij het indirect, met name door te investeren in haar eigen informatiepositie in Nederland en daarnaast te investeren in het ontwikkelen van een EU strategie, waar een stakeholderstrategie onderdeel van uitmaakt (wie te benaderen, met welk doel). Dit vergt wel extra investeringen in en door de NORA.Vanuit de Gebruikersraad worden hierbij de volgende aandachtspunten ingebracht:
  • Europa en ICT is nu nog een vergelijking met twee onbekenden. Het voelt nog relatief ver weg. Wat is een goede manier om op de hoogte te blijven van relevante Europese ontwikkelingen? En hoe kan dat het beste worden vormgegeven?Bijvoorbeeld meer interactie met Europa opzoeken via een expertisecentrum waar alle kennis geclusterd wordt?
  • Hoe is de afstemming tussen de EIRA en de NORA geregeld?
  • De zuigkracht vanuit Europa is nog klein, maar heeft een lage toegankelijkheid doordat subsidie kan plaatsvinden van pilot-projecten. Hoe gaan andere lidstaten hier mee om? Het lijkt wel of de voortrekkers bepalen.
  • Twijfel is er of het wel de rol is voor de NORA om deze interactie met Europa op te zoeken. In de Architectuur Board NORA is daar voorheen wel expliciet om gevraagd. Dat was mede aanleiding om dit onderzoek te laten uitvoeren.
  • Als we dat toch zouden doen, dan moet er wel een probleemeigenaar zijn !
  • Mogelijk is de Douane een goed voorbeeld om uit te werken, zij hebben het goed op orde. Dat wil overigens niet zeggen dat dat voor álles overkoepelend of een goed voorbeeld is.
  • Hoe loopt het proces met afspraken in Europa die uiteindelijk een richtlijn worden? Dat zou eigenlijk helder moeten zijn en in kaart gebracht.
  • Hoe standaarden in Europa zich verhouden tot Nederlandse standaarden, wordt inzichtelijk gemaakt via het BFS.
  • Maar hoe verhouden de Europese bouwstenen zich t.o.v. de GDI in Nederland?
  • Welke grensoverschrijdende diensten zijn er vanuit Nederland? Is daar een overzicht van? En welke issues spelen daar?Dat zijn goede zaken om de uitvoeringsorganisaties mee te bevragen !
  • Hoe aan te haken bij Europa’s “Rolling plan ICT standardisation 2015”?
  • Bij EZ zijn ca.40 mensen betrokken bij innovatie, initiatieven etc. en zij publiceren jaarlijks ICT-ontwikkelingen per land.
  • De EU heeft een JoinUp platform waar landelijke initiatieven in de kijker kunnen worden gezet.Een rijke bron van allerlei soorten informatie >> Oproep aan alle leden van de Gebruikersraad: word lid van die JoinUp!

ACTIE Afgesproken is dat vanuit NORA Beheer, in samenwerking met Xander van der Linde (ICTU), een voorstel wordt gedaan voor de verwerking van het rapport in de wiki (thema Internationaal) en hoe verder te gaan met deze Europese ontwikkelingen qua proces en qua inhoud. Dit voorstel wordt in juni voorgelegd aan de Gebruikersraad.

Onderzoek "NORA goes Europe" (PDF, 683 kB)[2]

e-SENS[bewerken]

Mark Goudriaan (Logius) geeft een terugkoppeling van de bijeenkomst van de stuurgroep op 24 maart 2015.

Het doel van e-SENS is om burgers en bedrijven met elkaar te kunnen laten communiceren over de landsgrenzen heen, waarbij gekeken is naar de meest levensvatbare architectuurbouwblokken die cross sectoraal ingezet kunnen worden. Het is geen verordening, de markt en lidstaten bepalen de implementatie. Wel is er een nauwe relatie tussen eIDAS en e-SENS.

De Nederlandse stuurgroep eSENS (met vertegenwoordigers van onder andere BZK en EZ) heeft vastgesteld dat een modulaire dienst in Europa zeer nuttig is. Onderzoek is nodig of, en hoe Nederland dit kan ondersteunen. In september zal een tweede bijeenkomst van de stuurgroep e-Sense plaatsvinden, waar meer duidelijkheid zal komen over de bestuurlijke inbedding.

De Gebruikersraad stelt zich de vraag waar de toekomst van de NORA zit in deze context. De Gebruikersraad stemt in om in een kleine werkgroep een of twee keer samen te komen om zich daarover te buigen.

Actie Herriët Heersink plaatst dit thema op de actielijst als onderdeel van de verwerking uitkomsten enquête (en daarmee prioriteringsvraagstukken).

Digicommissaris[bewerken]

20 minuten

Door Patrick Rinzema van het Bureau NCDO, wordt een beeld geschetst van de ontwikkelingen bij de Digicommissaris en wordt een terugkoppeling gegeven van de bijeenkomst van de Regieraad Interconnectiviteit.

Doel van de Digicommissaris is dat zaken voor burgers en bedrijven snel, eenvoudig, veilig en betrouwbaar digitaal geregeld kunnen worden. Centraal staat hierbij de GDI met een set van standaarden, voorzieningen, basisregistraties en producten die essentieel zijn voor het functioneren van de overheid en de digitale dienstverlening aan burgers en bedrijven. De inhoud, sturing en financiering staat centraal, waarbij de grootste uitdaging vooralsnog ligt op het gebied van governance en financiering. Een belangrijke verandering in deze nieuwe opzet is de korte lijn naar het (ministerieel) Nationaal Beraad, via de Regieraden. Er zijn vier clusters: Dienstverlening (portals als mijnoverheid.nl), Gegevens (stelsel van basisregistraties ed), Identificatie & Authenticatie (DigiD ed) en Interconnectiviteit (waaronder de NORA).

De NORA staat bekend als een ‘generiek middel’ maar door de Regieraad Interconnectiviteit is nadrukkelijk gevraagd naar een zwaardere invulling van de plaats en waarde van de NORA. Hier ligt voor de NORA zelf een actieve rol, om dit te realiseren. Patrick geeft aan dat eerder als kritische noot is geopperd dat er meer aandacht zou moeten komen voor niet-ingewijden en is positief gestemd te horen en te zien dat daar met de herpositionering en de Redesign NORA al mooie stappen mee zijn gezet.

ACTIE Vanuit BZK, als eigenaar van de NORA, was reeds toegezegd een visie notitie inzake de NORA in te brengen bij de Regieraad.

Vanuit de Gebruikersraad wordt NORA en het cluster interconnectiviteit beschouwd als een cluster dat alle andere clusters raakt, als het ware ‘hoog over’. Hoe wordt nu de inhoud, actualiteit en besluitvorming binnen dit cluster overgebracht naar ook de rest van de clusters? Patrick geeft aan dat alle Regieraden dezelfde voorzitter hebben ten behoeve van de eenheid en dat alle besluiten worden ingezien van alle collega-Regieraden. Als laatste noot wordt nog meegegeven dat het belangrijk is dat de Afnemersraden (de Raden onder de Regieraden) met alle Regieraden blijven sparren.

Vanuit de Digicommissaris wordt dit jaar de koppeling met Europa geactualiseerd en aangevuld. Hulp is daarbij welkom. Xander van der Linde geeft aan dat het NCDO kan helpen synergie te vinden met de NORA en als voortrekker om anderen in positie te brengen.

Lopende zaken NORA[bewerken]

  • Er zijn geen opmerkingen over het verslag van de bijeenkomst van 3 februari 2015[6]. Alle acties zijn voltooid en het verslag wordt akkoord bevonden.
  • De voortgang van het Jaarplan 2015 loopt volgens verwachting. Vooralsnog ligt prioriteit bij de Redesign NORA, van zowel de wiki als de overgang van e-Overheid.nl naar DigitaleOverheid.nl. Belangrijk in de genomen stappen is de focus op de hoofdingrediënten van de NORA, het duidelijker navigeren en uitdunnen van het menu en het omzetten van losse katernen naar verbonden inhoud van de wiki. De vernieuwde landingspagina’s op DigitaleOverheid.nl worden bij het ICTU café van 12 mei gepresenteerd.
  • De stand van zaken RFC Verbinden wordt aan de hand van de nagestuurde notitie toegelicht door Herriët Heersink. Vanuit de Gebruikersraad wordt aangegeven dat er overeenstemming bestaat over hetgeen is afgesproken. Over te nemen acties, de zogenaamde A-punten, is overeenstemming en die zullen dus verder worden uitgevoerd. Aandacht wordt nog gevraagd voor de principes: Er hoeft geen onderscheid te worden gemaakt naar welke principes op welke doelgroep gericht zijn. Principes hebben een universele werking en gelden voor iedereen. Er is wel onderscheid naar gedetailleerdheid ervan.De beslispunten, de zogenaamde B-punten, zullen de volgende keer uitgebreid worden besproken.
  • Herriët Heersink geeft een korte toelichting op de resultaten van de Enquete Survey Monkey. De eerste reacties geven een sterk verdeeld beeld.Later zal nog een interpretatie van de resultaten worden ingebracht, waarbij wordt ingegaan op wat de uitkomsten dan betekenen voor de NORA en wat in ons aller ogen prioriteit heeft (en wat niet).Hierbij de oproep om daar over mee te denken. ACTIE allen

Geo en NORA[bewerken]

Geo-data gepresenteerd op het web is erg verschillend van de gegevens die in de back-office is opgeslagen!

Hoe je bij het ontwerp van een voorziening voor administratieve gegevens kunt omgaan met het toevoegen van locaties (geografische aspecten), is daarom voorheen in het NORA-dossier Geo uitgewerkt: Dossier Geo-informatie (PDF, 5,03 MB). Marcel Reuvers (Geonovum) laat ons zien dat de ontwikkelingen in Nederland (Laan van de Infrastructuur / GOAL) en in Europa (Inspire) niet bepaald stil staan. Het lijkt tijd te worden om de NORA op dit thema te actualiseren. Hoe kunnen we de samenwerking daartoe versterken? Wat biedt geo aan een architect of een project?

Naast doel-architecturen geo, zijn er ook informatiemodellen als IMLG en IMNAB. Deze geo-informatie betreft zo’n 40.000 datasets, voornamelijk open data, beschikbaar in een Nationaal Geo Register (NGR). Deze is ook sterk internationaal georiënteerd. Via (OGC) worden internationale standaarden afgesproken, voornamelijk op technisch / tactisch niveau. Deze sluiten echter niet altijd aan op de administratieve gegevens van de e-overheid.

Bij geo is 90% van het werk semantiek: afstemmen en harmoniseren. Slechts een deel is techniek. Het doel is om geo beschikbaar en bruikbaar te maken. Daarbij wordt een weg gevolgd van bottom-up verbeteren en daarna wettelijk verankeren. De overkoepelende norm NEN3610 voor geo-data standaarden is van groot belang voor ook de aansluiting op de BIM (bouw, waterbouw, 3d standaarden).

De geo wereld werkt met request – response. Daarom wordt gebruik gemaakt van DigiKoppeling voor a-synchrone berichten + veel gebruik van de Stelselcatalogus.

Geo in de NORA is van belang als kapstok voor de vele NORA-dochters. Na het uitwerken van het geo-dossier voor NORA 2.0, is de informatie een beetje verwaarloosd, ook doordat NORA 3.0 met de principes meer abstract werd. Zelfs zo generiek voor geo, dat het daardoor bijna niks meer betekende. AP18 is nog toegevoegd, maar het is niet meer gekomen van een concrete uitwerking met handvatten voor de toepassing. Het geo-dossier in de GEMMA is daarentegen nu meer interessant en uitgewerkt.

Afgesproken is dat geo in de NORA weer een actuele status zal krijgen en dat zo veel mogelijk wordt voortgegaan op goede geo-uitwerkingen bij NORA-dochters, zoals bij GEMMA.

ACTIE Eric Brouwer (NORA Beheer) en Marcel Reuvers (Geonovum).

Referenties[bewerken]