Pilot beleidskaders workshop 2

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken

Bijeenkomst op vrijdag 24 januari 2020, 13-16 uur, locatie: ICTU, Wilhelmina van Pruisenweg 104 Den Haag.
Doel: Analyse van enkele recente beleidskaders op impact voor NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur
Doelgroep: Deelnemers pilotgroep
Contactpersoon: Eric Brouwer, nora@ictu.nl .



Tweede workshop in het kader van de in Gebruikersraad van 14 november afgesproken pilot om recente beleidskaders te analyseren op hun impact voor de inhoud en omgeving van NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur.

Deelnemers

  • Ralph Barten (SVB)
  • Robert-Jan Kemp (EZK)
  • Carel Bodegraven (Waterschap Hollandse Delta)
  • Peter Bergman (ICTU)
  • Aty de Groot (ICTU)
  • Robert van Wessel (ICTU)

Afwezig:

  • Peter Lehr (Belastingdienst)
  • Jeffrey Gortmaker (VNG)
  • Andre Plat (VNG)
  • Eric Brouwer (ICTU)

Agenda en doel van de bijeenkomst

  1. Inleiding
  2. Relaties beleidsstukken NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur BPs, APs, thema’s en vijflaagsmodel.
  3. Bespreking analyse beleidsstukken
  4. Vervolgafspraken

Deze tweede workshop bouwt voort op de onderwerpen van de workshop van 17 januari 2020. De beleidsdocumenten ‘NLdigibeter’ en ‘Beleidskader Digitale Basisinfrastructuur’ zijn door ICTU geanalyseerd en de bevindingen zijn met de aanwezigen doorgesproken om tot een nader advies en actiepunten te komen.

Inleiding

In de vorige workshop is de tekst van het ‘Beleidskader Digitale Basisinfrastructuur’ becommentarieerd waar veel tijd in ging zitten, naast een eerste check op de relaties met de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur Basis principes. Eric Brouwer is in overleg met beleidsafdelingen om bij de ontwikkeling van concepten van beleidsstukken het architectuurEen beschrijving van een complex geheel, en van de principes die van toepassing zijn op de ontwikkeling van het geheel en zijn onderdelen. denken en in het bijzonder de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur community meer te betrekken. Na de eerste workshop is door ICTU een verdere analyse uitgevoerd (zie agendapunt 3).

Parallel aan deze set workshops begeleiden Robert van Wessel en Aty de Groot een andere set workshops waar bij de focus licht op het praktischer bruikbaar maken van de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur afgeleide principes maken – zie adviezen 1&2 uit de NORA Gebruikersraad van 6 juni 2019. De resultaten van dit parallelle traject en deze analyse van de Basisprincipes (BP's) in relatie tot actuele beleidskaders zullen als integraal advies aan de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur gebruikersraad worden aangeboden.

Relaties beleidsstukken NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur BPs, APs, thema’s en vijflaagsmodel

Op basis van slide 4 van de presentatie (PDF, 569 kB) bij deze workshop is de relatie getoond tussen beleidsstukken, Basisprincipes (BPs), Afgeleide principes (APs), Thema's en het Vijflaagsmodel. BP’s beschrijven het “wat” (van de dienst) en de AP’s beschrijven het “hoe” (op wat voor manier wordt de dienst gerealiseerd). Over het ‘wat’ en ‘hoe’ in de stellingen van de principes zijn uiteenlopende meningen, ter overweging door de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur Gebruikersraad, en hier wordt voorlopig aan vastgehouden. Verder zijn er de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur thema’s met actuele onderwerpen waar vanuit NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur communities verbinding gelegd kan worden met onder andere beleidsmakers. Er worden twee voorstellen behandeld:

  1. de implicaties van een AP verbijzonderen naar de 5 architectuurlagen van het Vijflaagsmodel;
  2. voorschriften bij de APs opnemen en deze eveneens per architectuurlaag expliciet maken.

De uitbreiding per architectuurlaag geldt uiteraard alleen daar waar dit van toepassing is.

Implicaties

Een AP kan op meerdere architectuurlagen betrekking hebben. Door expliciet de implicatie per architectuurlaag te benoemen en dit concreet te beschrijven wordt de praktische bruikbaarheid van het AP sterk verhoogd. Ook biedt het de mogelijkheid om te selecteren op interesse gebieden (bijvoorbeeld: geef mij een overzicht van de implicaties op de applicatiearchitectuur). Ook thema’s zijn overigens te mappen op de 5 architectuurlagen en dat kan dan weer een trigger zijn om AP’s aan te passen. Door deze positionering van het vijflaagsmodel krijgt het een betere verbinding met de APs. Er wordt verder opgemerkt dat bij de overgang van het 9+2 vlaksmodel naar het vijflaagsmodel, de onderwerpen beheer en beveiliging niet meer expliciet zijn aangegeven. Door dit vanuit AP-implicaties als impact op de 5 lagen te beschrijven komt deze relatie weer duidelijk naar voren.

Voorschriften

Er volgt vervolgens een discussie over het opnemen van een nieuwe eigenschap “Voorschriften” naast “Stelling”, “Rationale” en “Implicaties” als onderdeel van het template bij een architectuurEen beschrijving van een complex geheel, en van de principes die van toepassing zijn op de ontwikkeling van het geheel en zijn onderdelen. principe. Bij de adoptie van NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur principes door DNB en SVB heeft men rationale en implicaties verbijzonderd naar de specifieke behoeften van de organisaties. Bij de adoptie van NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur door de DNB zijn voorschriften geïntroduceerd om de praktische toepasbaarheid van architectuurEen beschrijving van een complex geheel, en van de principes die van toepassing zijn op de ontwikkeling van het geheel en zijn onderdelen. principes te verhogen. Het zijn concrete beschrijvingen met ontwerprichtlijnen vanuit generieke perspectieven zoals ketenintegratie, applicaties, infrastructuur, privacy en security. Internationale- en industrie-standaarden zijn onderdeel van een dergelijk voorschrift.

Omdat “Voorschriften” echter van een andere orde zijn is de conclusie dat er beter gesproken kan worden van een relatie tussen de APs en voorschriften, dan deze specifiek bij een AP onder te brengen. Met andere woorden “Voorschriften” betreffen een aparte entiteit, die een (n op m) relatie hebben met APs. Deze relatie zal in het nog aan te passen NORA kennismodel worden besproken met Joris Dirks (Nora Beheer) - actiepunt WS2.1. Bij het AP template is ook het onderwerp “Voorbeelden” opgenomen. Dit betreffen good practises uit het overheidsveld. Deze praktijkvoorbeelden helpen organisaties om de implicaties van een AP voor de eigen organisatie specifiek te maken.

Bespreking analyse beleidsstukken

Het commentaar en suggesties met betrekking tot 11 onderwerpen uit de analyse van ICTU zijn doorgenomen. Onderstaand een aantal algemene opmerkingen die zijn gemaakt. Vervolgens zijn de 11 items (genummerd 3.1 t/m 3.11) in detail besproken.

  • De benamingen van BPs zijn soms lastig omdat deze vanuit het perspectief van dienstverlening naar burger en bedrijf stammen. Als je het perspectief verbreedt en schijnbaar op wat meer op afstand gaat staan, is vertrouwen in dienstverlening belangrijker van de vertrouwelijke van de dienstverlening. Met andere woorden: “Vertrouwen” past beter dan BP08 Vertrouwelijk.
  • Security en privacy worden (nog steeds) door verschillende deelnemers gemist als BPs. Security is nu ondergebracht in BP08 Vertrouwelijk en BP09 Betrouwbaar. Privacy in BP06 transparant, BP07 noodzakelijk ‘ikv dataminimalisatie’ en BP08 Vertrouwelijk ‘doelbindingHet principe dat iemand (persoon of organisatie) alleen informatie mag vragen, opslaan, gebruiken, delen ten behoeve van welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden.’). De SVB heeft deze onderwerpen toegevoegd door te gaan indikken en te combineren om toch security en privacy als BPs expliciet te kunnen benoemen.
  • Er wordt gevraagd welk model er achter de basisprincipes schuilt? Naast het NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur kennismodel (metamodel) is het vijflaagsmodel is een model wat helpt om de verbinding te leggen. Deze verbinding loopt dan via de APs.
  • Het is goed om te kijken of BPs en APs ook vanuit het perspectief van ondernemers nog actueel zijn. Actiepunt WS2.2: beoordeel de rationale en implicaties vanuit het gezichtspunt van de ondernemer.

Op basis van de uitgevoerde analyse zijn onderstaande reacties gekomen en voorlopige conclusies getrokken.

nr Vraagstuk Reactie Conclusies Vervolgacties?
3.1 Benamingen van de BPs zijn nog grotendeels actueel. De meeste onderwerpen uit deze beleidsstukken kunnen worden ondergebracht. In de rationale en implicaties e.e.a. bijwerken met terminologie uit deze (en andere) recente beleidsstukken. Doet elke BP echter een uitspraak over de dienstverlening? Volgorde in nummering van BPs is ook een vraagstuk (bv wat is het belangrijkst: vertrouwen of proactief). Stellingen beschrijven het wederzijds vertrouwen. Wat betekent de volgorde? Het ene is belangrijker dan het andere? Zou dat nuttig zijn? Vertrouwen is b.v. de basis van elke relatie. Wordt het een filosofische discussie? Misschien samenhangende principes samenvoegen? Indeling is niet verkeerd. Nummering is geen criterium en zegt in zichzelf niets. Geen nummers meer gebruiken maar direct verwijzen naar de naam van een BP. Bijvoorbeeld BP Proactief en BP Vindbaar. Nummering zegt eigenlijk niets omdat er geen prioritering aan is te koppelen. Voorstel is om BP nummering te laten vervallen en dan te spreken over BP “Proactief”, in plaats van BP01. Wel nog nadenken over naamgeving van BPs en check de stelling op uitspraak over dienstverlening en vertrouwen. Actiepunt WS2.3
3.2 ‘Wendbaar’ d.w.z. tijdig en proactief handelen n.a.v. maatschappelijke veranderingen mist heldere omschrijving in de BPs. Dit als implicatie opnemen van BP01 of een additioneel BP11 “Wendbaar” toevoegen (en ook de link leggen met agile werken)? Wie of wat is wendbaar? De BP’s zijn gesteld vanuit de gedachte van overheidsdienstverlening naar burger/bedrijf. Wendbaarheid is een “Hoe” en voorwaardelijk voor proactieve dienstverlening en is dus meer een AP. Als AP kan het verder aan meerdere BP’s relateren. Innovatie en wendbaarheid zijn sterk verbonden. Bij de SVB is wendbaarheid ”gedrag” een strategische pijler. BP01 gaat feitelijk over het “anticiperen op de behoefte van de burger/bedrijf” en pas beter dan de huidige stelling “Afnemers krijgen de dienstverlening waar ze behoefte aan hebben”. Proactief sluit goed aan bij levensgebeurtenissen van een burger/bedrijf, waardoor ze in een andere relatie tot één of meerdere overheidsorganisaties komen te staan. En de burger kan attenderen op mogelijke informatie die voor hen op dat moment dan belangrijk kan zijn. Proactief is ook: kunnen we iets slimmer doen richting b.v. ketenpartners. En moet innovatie een eigen BP worden? Nadenken over introductie van een AP “Wendbaarheid” met bijbehorende stelling; Check stelling BP01. Actiepunt WS2.3 & WS2.4
3.3 BP02 Vindbaar (eenvoudig te vinden) wordt in de twee geanalyseerde stukken slechts 1x expliciet genoemd. Nadere rationale en implicaties toevoegen? zie BP03 BP “Vindbaar” betreft een van de grootste issues van de overheidsdienstverlening, namelijk het vinden van de juiste informatie. Heeft verder veel met BP03 te maken (zie bij 3.4). ..
3.4 BP03 Toegankelijkheid (focus aanbrengen op ‘begrijpelijk’ naast de technische toegankelijkheidHoudt in dat informatie vindbaar, interpreteerbaar en uitwisselbaar is.). Beter is hernoemen in Toegankelijk? Ook inclusie als implicatie opnemen bij dit BP om deze maatschappelijke trend in de ontwikkeling van dienstverlening te borgen in architectuurEen beschrijving van een complex geheel, en van de principes die van toepassing zijn op de ontwikkeling van het geheel en zijn onderdelen. principes. Er is te veel informatie en daarom is vindbaar erg belangrijk als een BP. Vindbaar en Toegankelijk zijn verschillende onderwerpen. Burgers moeten zich door een woud aan informatie worstelen en zaken zijn niet vindbaar. Rationale van Vindbaar moet beter beschreven worden. Inclusie als implicatie van BP03? Ja, want het gaat over de ontwikkelingen in de digitale wereld en mensen die dit niet kunnen gebruiken. Zodanig formuleren dat de dienst voor iedereen toegankelijk is (ook een niet digitale variant) en het modewoord inclusie zien te vermijden. Bij SVB heeft men overigens dit wel bewust bij BP02 neergezet. Echter, betreft dit BP de (technische) toegankelijkheidHoudt in dat informatie vindbaar, interpreteerbaar en uitwisselbaar is. of is gaat het OOK over ‘begrijpelijk’. Bij technische toegankelijkheidHoudt in dat informatie vindbaar, interpreteerbaar en uitwisselbaar is. denk je dan aan b.v. autorisaties. Begrijpelijk als AP voelt niet goed, wel als BP onder het motto: “Begrijpelijk voor de burger en werkbaar voor de ambtenaar”. Dat zou een stelling kunnen zijn van BP ”Begrijpelijk”... SVB zou het zou laten zoals het is; misschien eens kijken of je het kan verbinden met de 5-lagen, waardoor het duidelijker wordt? Nadenken over impact van een BP ”Begrijpelijk” in plaats van BP03 Toegankelijkheid (met BP02 Vindbaar en technisch toegankelijk combineren). Onder dit laatste zou ook duurzame toegankelijkheidHoudt in dat informatie vindbaar, interpreteerbaar en uitwisselbaar is. kunnen vallen. Actiepunt WS2.5
3.5 BP04 Standaard heeft meeste referenties met deze twee beleidsstukken. Voorstel: Standaard hernoemen in Uniform? Of als BP04 schrappen? Wat doen we dan met de aspecten uit de beleidsstukken: zijn dit dan implicaties. Standaard staat toch in AP06 Gebruik standaard oplossingen? BP04 Standaard is dan eigenlijk niet meer dan een AP. In de stelling staat een HOE: “…door het gebruik van standaarden”: deze zinssnede eruit halen. Hernoemen in BP ”Uniform” en de implicaties uit de beleidsstukken hierin opnemen (zoals generieke functies bouwen en zorgen dat overheidsorganisaties deze hergebruiken). ..
3.6 BP05 Gebundeld (samenwerking; de 1-overheid gedachte). Hierin kan het onderwerp “levensgebeurtenissen” worden opgenomen. De stelling van BP05 zou ook goed bij BP04 kunnen passen in het kader van uniformiteit: “Afnemers krijgen gerelateerde diensten gebundeld aangeboden”. BP05 betreft het in samenwerking een dienst aanbieden. Ketens en samenwerken zie je niet veel terug in AP’s en BP’s. In de waterschapsector is samenwerken uiteraard ook een belangrijk thema en mondt wellicht uit in een apart BP in de WILMA. Het betreft de ontwikkelcycli van producten. Daarom juist heel goed dat BP04 blijft, om dienstverlening op elke plaats uniform te hebben. Is BP05 niet meer een “hoe” van c.q. is bundelen niet een vorm van (pro-actief)aanbieden? Een DSO is een WAT onder b.v. BP01, en ‘Mijn Pensioen’ betreft informatie bundelen (PB05) door te uniformeren op basis van BP04. Als je naar minder BPs zou kunnen, door van een BP een AP te maken, is dit een kans. Vooralsnog geen eenduidig beeld over BP05 Gebundeld en de relatie met Uniform. Wel is er consensus dat levensgebeurtenissen hierin een belangrijke rol nemen (dus implicatie). Actiepunt WS2.6
3.7 BP08 Vertrouwelijk - hernoemen in Vertrouwen?: het gaat om wederzijds vertrouwen over de dienst(verlening) Vertrouwelijk heeft een veel smallere betekenis dan Vertrouwen. Als het gaat om veiligheid (onderdeel confidentiality) is dat weer iets anders. Het één sluit het ander niet uit. Of is het niet Beveiliging? Ergo, BP08 wordt door de deelnemers niet als een goed BP gezien. Wel is men het er over eens dat Vertrouwen als basis term eigenlijk niet in de set van BPs kan ontbreken (zie ook bij 3.1). Ook onder de term ‘Veilig’ kan je veel kwijt. Hoe kan je vertrouwen in een digitale context zien? Dat er op een prudente manier mee om wordt gegaan, zoals integriteit in het beheer van gegevens? Veilig of Weerbaar (b.v. DDOS aanvallen) apart benoemen (zoals SVB)? Confidentiality is b.v. dat de data niet voor iedereen toegankelijk is. Verder: AP43 Vertrouwelijkheid bestaat ook. Vertrouwen is zo belangrijk dat het als BP genoemd mag worden. Voorstel: Als BP Vertrouwen wordt toegevoegd dan ook BP Veilig toevoegen (naast het bestaande BP09 Betrouwbaar) en informatie uit BP08 Vertrouwelijk onderbrengen bij AP43 om AP43 vervolgens te koppelen aan BP Veilig. Actiepunt WS2.3
3.8 Er lijkt behoefte aan de introductie van het thema “Innovatie” om de in deze beleidsstukken beoogde dienstverlening aan burgers en bedrijf te verkrijgen en te behouden. Valt dit onder wendbaarheid? Zie ook discussie eerder. Innovatie als BP? Innovatie staat naast je normale dienstverlening of is het juist onderdeel daarvan? Is het een implicatie van BP01 Proactief, een gerelateerd AP, of een manier om wendbaar / toekomstgericht (i.e. implicatie). Onder AP’s 19 en 20 of 24 zou het ook nog ondergebracht kunnen worden. Wendbaar is voor overheidsorganisaties een belangrijk begrip. Wendbaar gaat over de verandering HOE. Toekomstgericht is anticiperen, een WAT. Er is ook een relatie met BP10 Ontvankelijk, zoals nieuwe vormen van betrokkenheid van burgers bij beleid. Speelt de politiek hier een rol in? Vooralsnog geen eenduidig beeld over thema “Innovatie”. Actiepunt WS2.7
3.9 Het thema “Privacy” is veel genoemd. Onderwerpen als ‘transparantieInzicht in de werkwijze die de overheid hanteert.’ (inclusief het gegevensgebruik) (link met BP06 Transparant), ‘dataminimalisatie’ (link met BP07 Noodzakelijk) en ‘doelbindingHet principe dat iemand (persoon of organisatie) alleen informatie mag vragen, opslaan, gebruiken, delen ten behoeve van welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden.’ (link met BP08 Vertrouwelijk) in de rationale en impact bijwerken? Privacy is veelal direct gekoppeld aan een persoon. Het zit o.a. in vertrouwen en doelbindingHet principe dat iemand (persoon of organisatie) alleen informatie mag vragen, opslaan, gebruiken, delen ten behoeve van welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden.. Doelbinding is echter breder toepasbaar en gaat verder dan de AVG. Er wordt in het kader van BP08 ook “verantwoord gegevens gebruik” genoemd. Er is geen AP of BP privacy nodig. Het moet wel beter beschreven worden wat eronder valt. Er zijn nu genoeg AP’s en BP’s waar het onder kan vallen. Beschrijving bij de BPs 06, 07 en 08 actualiseren. ..
3.10 Het thema “Duurzaamheid” (vergroening, klimaat, etc.) komt in beide stukken niet voor! Is het nodig om dit in een BP of AP terug te laten komen (maatschappelijk verantwoorde dienstverlening)? Duurzaamheidsonderwerpen (de implicaties) kunnen op alle 5 de architectuurlagen geplot worden (1: wetgeving; 2: inkoopbeleid; 3: hergebruik informatiemodellen; 4: SOAs i.p.v. stovepipe architecture; 5 green data centers). Duurzaamheid komt in allerlei overheidsstrategieën voor. Zo kan je duurzaamheid toepassen op virtuele (software) componenten op de applicatie en infra laag. Hoe ga je hiermee om in de zin van dienstverlening aan de samenleving, b.v. bij de waterschappen? Als je kijkt naar duurzaamheid van informatiemanagement, dan zou je dat dan niet onder ‘toekomstbestendig’ vatten? Vraag is: duurzame informatie-inrichting apart zien van duurzaam gebruik van producten en diensten? Suggestie: check bij aanstaand gesprek met Nationaal Archief over duurzame toegankelijkheidHoudt in dat informatie vindbaar, interpreteerbaar en uitwisselbaar is.. Laten we kijken wat daaruit komt, en wat we daar verder mee kunnen. Vooralsnog geen eenduidig beeld over thema “Duurzaamheid”. Nadenken of duurzame informatie-inrichting principieel iets anders is dan ecologische duurzaamheid ondersteund door IT. Actiepunt WS2.9
3.11 Overige onderwerpen die niet in deze beleidsstukken staan: een BP “Data Driven” toevoegen op basis van beleidsstuk ‘Data Agenda Overheid'? En een BP “Maximale samenhang en minimale koppeling” in het kader van complexiteitsreductie (denk aan scheiding data en apps, API strategie). Of implicatie BP05 gebundeld? Er staat in NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur er weinig over “Internet of Things” (IoT). Onder welk BP/AP (implicatie) kan je dat thuis brengen? En kan je “Data Driven” in de hoek van de semantiek / AP17 plaatsen? Wordt “Data Driven” inderdaad de manier van werken? Thema’s zijn er om input te geven voor aanpassingen aan de AP’s en BP’s. Dus wellicht een idee om een thema op dit vlak te starten of een bestaand NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur thema nieuw leven in te blazen. Tenslotte wordt de vraag gesteld waarom deze twee beleidsstukken zijn doorgenomen? Het hele denken over gegevens komt er niet in voor. Gemeentes zijn er veel mee bezig. Het ene stuk bevindt zich aan de onderkant van het vijflaagsmodel (Beleidskader Digitale Basisinfrastructuur) en het andere stuk aan de bovenkant (NLdigibeter). Daarom is het interessant om ook de middenlaag te pakken en te kijken naar de “data agenda overheid”. Met één beleidsstuk meer, kunnen we de keuzes en voorstellen net iets beter beargumenteren. .. ..

Opmerking bij 3.10: Je kan onderscheid maken tussen

  1. Green IT (toepassing van duurzame IT middelen – bv minder energiegebruik, minder schadelijk stoffen bij recycling, cloud computing) en
  2. Green IS (toepassing van IT middelen in InformatieBetekenisvolle gegevens. Systemen die zorgen voor verduurzaming – denk aan NOx emissie reducties, smart buildings, smart agriculture met IoT)

Leidt tot Actiepunt WS2.8.

Vervolgafspraken en Actielijst

Korte feedback vanuit de deelnemers: iedereen heeft het gevoel dat dit een goede manier van werken is. Zeker de tweede workshop waar concrete stappen zijn gezet.

Vervolg

Een derde workshop wordt door verschillen deelnemers voorgesteld om onder andere data gedreven werken te bespreken naast de nog openstaande actiepunten, zodat een gedegen advies aan de NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur gebruikersraad kan worden geven. Deze derde workshop zal veer bij ICTU plaatvinden op 6 maart 2020 van 13-17 uur. Verdere vervolgstappen zijn om de rationale bij de BPs te actualiseren en de implicaties verder uit te schijven.

Actielijst

ID Onderwerp Omschrijving Wie Status
WS2.1 Metamodel Check modellering van “Voorschiften“ in NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur kennismodel Robert Open – afronden 5/3
WS2.2 Gezichtspunt ondernemers Stukken over Circulaire Economie en rationale en implicaties BP’s voor ondernemers bekijken Robert-Jan Open - afronden 5/3
WS2.3 Naamgeving en stellingen van BPs > Nadenken over naamgeving van BPs (zoals vertrouwen i.p.v. vertrouwelijkheidDe eigenschap dat informatie niet beschikbaar wordt gesteld of wordt ontsloten aan onbevoegde personen) – item 3.1 en 3.7 allen Open - afronden 5/3
> Idem over de bijbehorende stellingen – item 3.2
WS2.4 Wendbaarheid Toevoegen AP ”Wendbaarheid”? – item 3.2 allen Open - afronden 5/3
WS2.5 Begrijpelijk vs. Toegankelijk BP ”Begrijpelijk” in plaats van BP03 Toegankelijkheid? – item 3.4 allen Open - afronden 5/3
WS2.6 Uniform en Bundelen Nadenken over relatie BP04 Standaard (lees: uniform) en BP05 Gebundeld. Combineren of zijn dit APs allen Open - afronden 5/3
WS2.7 Innovatie Nadenken over positionering van het thema Innovatie (BP/AP/implicatie van BP/AP, etc) – item 3.4 allen Open - afronden 5/3
WS2.8 Duurzaamheid Duurzame informatie-inrichting apart zien van duurzaamheid? En wat zijn dan de consequenties? allen Open - afronden 5/3
WS2.9 Data agenda overheid Zijn de in dit beleidsstuk geformuleerde principes in lijn met de BPs? Ralph, Robert Open - afronden 5/3