Geo-aspecten Afgeleide Principes: verschil tussen versies

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken
(regeleinde)
(placeholderversie)
Regel 1: Regel 1:
==Rol van Geo-informatie voor organisaties==
+
{{Placeholder}}
 
 
{{kaderrechtssmal|De volgende AP's zijn gerelateerd aan Geo:
 
{{#ask:
 
  [[Categorie:Afgeleide principes]]
 
  [[Is gerelateerd aan::Geo]]
 
| ?ID=
 
| format=UL
 
| sort=ID
 
| order=ascending
 
| limit=150
 
}}
 
}}
 
[[Geo-informatie|Geo-informatie]] is voor de meeste overheidsorganisaties ondersteunend voor het primaire werkproces. Hun producten en diensten kunnen een ruimtelijk aspect omvatten of zijn op basis van ruimtelijke relaties tot stand gekomen. Voor enkele organisaties is Geo het primaire product, de basis voor geleverde diensten: Het [[Kadaster]] en de gemeentelijke Shared Service Centers voor het vervaardigen van de de [[BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie)|basisregistraties grootschalige topografie (BGT)]] en de [[BAG (Basisregistraties Adressen en Gebouwen)|adressen en gebouwen (BAG)]].
 
 
 
In architectuurafspraken krijgt Geo steeds nadrukkelijker een rol. Bij de [[Afgeleide principes]] zie je twee verschillende raakvlakken met Geo:
 
# Het ruimtelijke aspect van informatieobjecten
 
# Ruimtelijke relaties maken (geïntegreerde) diensten mogelijk
 
 
 
===Ruimtelijk aspect===
 
Geo-informatie betreft veelal informatieobjecten die in meerdere werkprocessen of bedrijfsfuncties gebruikt worden. Op basis van het ruimtelijk aspect zijn deze (half-)producten van een organisatie herbruikbaar en nuttig inzetbaar bij andere overheidsorganisaties. De geo-informatie gegevensdiensten vinden hun weg in dienstverleningsrelaties tussen overheidsorganisaties en hun omgeving, in ketenprocessen en naar burgers en bedrijfsleven.
 
 
 
Dit wordt in NORA geadresseerd door de volgende [[Afgeleide principes]]:
 
 
 
* [[Diensten zijn herbruikbaar|Diensten zijn herbruikbaar (AP1)]] Het hergebruik van geo-informatie in gegevensdiensten is sterk gegroeid door standaardisatie. Bijna alle overheidsorganisaties maken gebruik van de (grootschalige) topografie. Hoe het hergebruik eruit gaat zien is niet altijd te voorzien. Het hergebruik van geo-informatie door andere (overheids-)organisaties is eerder regel dan uitzondering.
 
* [[Ontkoppelen met diensten|Ontkoppelen met diensten (AP2)]] Het herbruikbaar maken van het werk van overheidsorganisaties buiten de oorspronkelijke context is op zich een uitdaging. Een voorbeeld zijn de gegevensdiensten van de basisregistraties. Deze waren oorspronkelijk bedoeld voor een specifieke taak van een organisatie, maar inmiddels zijn deze diensten beschikbaar voor alle overheidsorganisaties. Een overheidsorganisatie heeft, als dienstverlener afgewogen welke informatieobjecten een meerwaarde hebben die van belang is voor andere organisaties. Veel geo-informatieproducten hebben meerwaarde voor andere organisaties. Het gaat hier dus om signalering van (latente) behoeften van afnemers op basis van de bij de overheid bekende informatie en het aanbieden van bijpassende diensten uit de gehele overheid. Dit zijn belangrijke aspecten van de vraag- en klantgerichtheid waar de overheid naar streeft. Veel geo-informatie infrastructuren zijn aanbod gedreven ingericht, in de wetenschap dat het in een vraag voorziet of de vraag schept. De ontsluiting is ingericht vanuit de (potentiële) afnemer: dat de toegankelijkheid, vindbaarheid, uitwisselbaarheid, volledigheid, authenticiteit, beschikbaarheid en performance van de gegevensdiensten goed geregeld zijn. Zie ook de tekst hieronder bij Nauwkeurige dienstbeschrijving (AP5).
 
* [[Diensten vullen elkaar aan|Diensten vullen elkaar aan (AP3)]] Diensten moeten vanuit het perspectief van de afnemer meerwaarde hebben ten opzichte van elkaar. Zo komt het voor dat, in lijn met dit principe, gegevensdiensten ogenschijnlijk dezelfde informatieobjecten leveren, maar door verschil in de modellering van de geo-informatie er verschillende doelgroepen worden bediend. Een voorbeeld: Er zijn verschillende gegevensdiensten die wegen representeren in de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT), Basisregistratie Topografie (BRT) en het Nationaal Wegenbestand (NWB). De eerste is geschikt voor het beheer van wegmeubilair en onderhoud, de tweede als algemene topografische ondergrond en de derde voor verkeersmodelleringen en ongevalregistraties.
 
* [[Nauwkeurige dienstbeschrijving|Nauwkeurige dienstbeschrijving (AP5)]] Om er op te kunnen vertrouwen, hebben afnemers er belang bij dat diensten niet alleen in semantische en technische zin zijn beschreven, maar ook in verantwoordelijkheid, leveringsvoorwaarden, etc. In Nederland is afgesproken om voor geo-informatie gebruik te maken van de gebruiksvoorwaarden van [http://creativecommons.nl/ Creative Commons], tenzij dat niet mogelijk is. Dit “Creative Commons, tenzij” beleid is in 2014 vastgesteld door het GI-beraad. [https://creativecommons.org/choose/?lang=nl Stel direct een Creative Commons licentie samen]. In sommige gevallen is het toch noodzakelijk om gebruiksvoorwaarden te handhaven, bijvoorbeeld door wetgeving. In die gevallen biedt [http://www.geonovum.nl/onderwerpen/gebruiksvoorwaarden/algemeen-gebruiksvoorwaarden Geo Gedeeld] uitkomst. Geo Gedeeld is een hulpmiddel om gebruiksvoorwaarden voor geo-informatie op een eenvoudige, heldere en gestandaardiseerde manier kenbaar te maken. Het is ontstaan uit de behoefte van de overheid om de bestaande gebruiksvoorwaarden voor geo-informatie te stroomlijnen. [http://geogedeeld.geonovum.nl/ Stel direct een Geo Gedeeld licentie samen].
 
* [[Proactief aanbieden|Proactief aanbieden (AP24)]] Wat hierboven beschreven staat bij ‘Ontkoppelen met diensten’ (AP2) kan ook deels bezien worden als ‘Proactief’.
 
 
 
==Ruimtelijke relaties==
 
Producten en diensten kunnen ook op basis van ruimtelijke relaties tot stand zijn gekomen. Geo-informatie levert een bijdrage aan (integrale) producten en diensten van overheden aan afnemers, voor zowel burgers, bedrijfsleven als andere overheden. Dit gaat op twee manieren:
 
# op basis van hun locatie worden afzonderlijke deelproducten in samenhang tot elkaar gebracht. Het Omgevingsloket online (OLO) is een voorbeeld van een integrale toepassing waar één vergunningsaanvraag door een burger of bedrijf integraal afgehandeld wordt door meerdere overheidsorganisaties als bevoegd gezag of adviseur voor de vergunningverlening. De vraag ‘waar?’ staat hierbij centraal: voor welke locatie wordt de vergunning aangevraagd en wat zijn de relevante juridische en beheerregimes en milieuaspecten op die locatie?
 
# op basis van locatie treedt de overheid in contact met afnemers. Overheidsorganisatie kunnen hun producten proactief aanbieden aan afnemers op basis van
 
ruimtelijke interesse. Plannen en besluiten over de ruimtelijke ordening kunnen proactief bekend gemaakt worden aan de bewoners in het plangebied en anderen die hebben aangegeven geïnteresseerd te zijn in dat beleidsthema voor een specifieke locatie (wijk, postcode, straat). Interactieve kaarten op internet, waar burgers hun op- en aanmerkingen op de planvorming kunnen aangeven, zijn een hulpmiddel om interactieve beleidsvorming gestalte te geven.
 
 
 
NORA adresseert dit in zijn algemeenheid in het volgende principe:
 
* [[Ruimtelijke informatie via locatie|Ruimtelijke informatie via locatie (AP18)]] De dienst ontsluit ruimtelijke informatie locatiegewijs.
 
 
 
Ook bij diverse andere principes van NORA kan geo-informatie helpen om de dienstverlening (succesvol) in te richten of worden concreet genoemd:
 
* [[Eenmalige uitvraag|Eenmalige uitvraag (AP11)]] Een burger wordt niet naar het kadastraal nummer van zijn perceel gevraagd, als dit (geografisch) afgeleid kan worden van zijn woonadres.
 
* [[Perspectief afnemer|Perspectief afnemer (AP19)]] en [[Positioneer de dienst|Positioneer de dienst (AP4)]] Diensten zijn verwant vanuit het perspectief van de afnemers. Deze verwantschap kan gelegen zijn in de aard van […] de locatie waarvoor de dienst relevant is (een wijk of regio).
 
* [[Bundeling van diensten|Bundeling van diensten (AP21)]] Door het expliciete en inherente koppelingsmechanisme van de locatie, is het gebundeld aanbieden van diensten op basis van ruimtelijke aspecten goed te realiseren. Makelaars zouden graag bij een taxatie in één keer een aantal zaken kunnen afhandelen die nu nog verschillende handelingen en bezoekjes aan gemeente en kadaster vereisen. Denk daarbij aan het raadplegen van het bestemmingsplan, controleren op bodem- of rondwaterverontreinigingen en het opvragen van kadastrale gegevens.
 
* [[Automatische dienstverlening|Automatische dienstverlening (AP23)]] Signalen kunnen ook locatiegebonden zijn. Een burger vraagt een bouwvergunning aan en wordt direct geïnformeerd over de geplande opbreking van zijn woonstraat, waardoor de aanvoer van bouwmateriaal mogelijk belemmerd kan worden.
 
* [[Proactief aanbieden|Proactief aanbieden (AP24)]] Bij deze signalering gaat het om het in logisch verband brengen van relevante informatie en deze tijdig communiceren. Zo is het op basis van locatie mogelijk om een grote verscheidenheid aan informatie met elkaar in verband en onder de aandacht te brengen.
 

Versie van 31 aug 2016 om 13:31


Deze pagina is in opbouw. Kom later terug om het resultaat te zien of neem contact op met nora@ictu.nl als je mee wilt werken aan de eerste concepten.