Actieve openbaarmaking

Uit NORA Online
Ga naar: navigatie, zoeken
Het thema Digitale Duurzaamheid is 'historische informatie' in NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur. De inhoud van dit onderwerp komt in beheer van het Nationaal Archief onder het thema 'Duurzame Toegankelijkheid'

Achtergronden hierover zijn te lezen in de notitie: 'Duurzame Overheidinformatie' (PDF, 751 kB).

Beleidsmatig kader

In 2013 heeft het kabinet met de Visie open overheid (PDF, 625 kB) en het Actieplan open overheid (PDF, 667 kB) gekozen voor de lijn om overheidsinformatie actief openbaar te gaan maken volgens het principe 'openbaar tenzij'. Het enige praktische kanaalCommunicatiekanaal dat bij de dienstverlening wordt gebruikt. Elk kanaal kent verschillende vormen waarin informatie kan worden gedeeld. voor het op omvangrijke schaal openbaar maken van overheidsinformatie, is internet. De openbaar te maken informatie moet dan wel in digitale vorm bewaard zijn en beschikbaar en leesbaar zijn. Dat geldt ook voor informatie over zaken die al zijn afgedaan en die vervolgens zijn gearchiveerd. In een goed georganiseerde overheidsorganisatieNORA doelt met het begrip 'overheidsorganisaties' zowel op overheden als op semi-overheid- en private organisaties met een publieke taak. moet ook dat digitaal gebeuren, want papier kun je niet ontsluiten via internet.

Als beleid gaat dit verder dan hoe over het algemeen basisprincipe BP06 Transparant wordt opgevat, met in de formulering van dat principe het woord 'afnemerDe persoon of organisatie die een dienst in ontvangst neemt. Dit kan een burger, een (medewerker van een) bedrijf of instelling dan wel een collega binnen de eigen of een andere organisatie zijn.' in de betekenis van 'dienstafnemer'. Bij het thema openbaarmaking is iedere burger een 'afnemerDe persoon of organisatie die een dienst in ontvangst neemt. Dit kan een burger, een (medewerker van een) bedrijf of instelling dan wel een collega binnen de eigen of een andere organisatie zijn.' en is in principe álle overheidsinformatie relevant voor álle burgers. Een belangrijk doel van actieve openbaarmaking is het vergroten van het vertrouwen van de burgers in de overheid. Dat vertrouwen staat al jaren onder druk. Daarvoor zijn verschillende redenen aan te wijzen. De maatschappij is complexer geworden en de uitdagingen voor de overheid zijn daarmee groter geworden. De overheid kan niet meer alles oplossen. En burgers zijn mondiger geworden en willen beter geïnformeerd zijn. Een actieve houding van de overheid bij het openbaar maken van alle overheidsinformatie, tenzij er sprake is of moet zijn van beperkingen om redenen van privacy en staatsveiligheid, kan daaraan tegemoet komen.

Ontwikkelingen die aan het beleid vooraf gingen

Aan het beleid zoals in 2013 geformuleerd gingen een paar ontwikkelingen vooraf:

  • In 2011 sloot Nederland zich aan bij het Open Government Partnership (OGP). Dit samenwerkingsverband van meer dan vijftig landen richt zich op het beter laten functioneren van overheden door te streven naar meer openheid. Deze doelstelling is uitgewerkt in de Open Government Declaration. Bij deelname aan het OGP hoort het opstellen van een actieplan. Voor Nederland resulteerde dat dus in het opstellen van de hiervoor genoemde Visie Open Overheid en Actieplan Open Overheid.
  • In januari 2012 deed Alex Brenninkmeijer, de Nationale ombudsman, de volgende uitspraak: "De Nederlandse overheid is ‘een publieke zaakEen samenhangende hoeveelheid werk met een welgedefinieerde aanleiding en een welgedefinieerd eindresultaat, waarvan kwaliteit en doorlooptijd bewaakt moeten worden’ en het vertrouwen van iedereen in de publieke zaakEen samenhangende hoeveelheid werk met een welgedefinieerde aanleiding en een welgedefinieerd eindresultaat, waarvan kwaliteit en doorlooptijd bewaakt moeten worden is gediend met transparantieInzicht in de werkwijze die de overheid hanteert. en openheid. Het is in strijd met het publieke belang om strategisch om te gaan met informatie van de overheid en zo andere belangen te dienen dan transparantieInzicht in de werkwijze die de overheid hanteert.".[1]
  • De Raad voor het openbaar bestuur, kortweg de Rob, publiceerde in september 2012 het adviesrapport ‘Gij zult openbaar maken’ (PDF, 270 kB). In dat advies zegt de Rob dat transparante besluitvorming en (actieve) openbaarheid noodzakelijk zijn om nieuwe verbindingen te leggen tussen het politieke bestuur en de burgers. Veel meer dan tot nu toe, zo gaf de Rob aan, moet het accent liggen op systematisch actief openbaar en toegankelijk maken van alle informatie waarover de overheid beschikt en waarvoor geen geheimhoudingsplicht geldt.

Hoe vanuit Informatiebeheer invulling te geven aan actieve openbaarmaking

Het meest praktische kanaalCommunicatiekanaal dat bij de dienstverlening wordt gebruikt. Elk kanaal kent verschillende vormen waarin informatie kan worden gedeeld. voor omvangrijke ontsluiting van overheidsinformatie is internet. Behalve dat dat voorzieningen in de vorm van passende informatiesystemen vergt, is het belangrijk dat overheidsinformatie is voorbereid op actieve openbaarmaking. Daarbij zijn vier dingen essentieel:

  1. de desbetreffende overheidsinformatie moet in digitale vorm beschikbaar zijn en dus als zodanig zijn bewaard;
  2. de informatie moet op metagegevensniveau zijn voorzien van een indicatie of deze openbaar is en (vanaf) wanneer. Omdat het beleid is dat overheidsinformatie openbaar is tenzij, bestaat de beste variant voor het specificeren van openbaarheid uit het benoemen op metagegevensniveau van de beperkingen (waarom niet en voor welke periode, dat laatste vaak uitgedrukt in 'voor hoe lang niet openbaar' vanaf bijvoorbeeld de creatiedatum of 'niet openbaar tot datum x');
  3. de informatie moet voorzien van metagegevens die de inhoud en context van de informatie beschrijven zodat burgers de informatie op internet kunnen vinden;
  4. de informatie moet, zolang het beschikbaar blijft, bij raadpleging worden gerepresenteerd of weergegeven in een formaat dat burgers kunnen lezen (bijvoorbeeld als PDF met een gangbare PDF-viewer of in een gangbare browser).

Ad 2
Het onder 2 genoemde impliceert dat standaarden voor metadatering een of meer elementen moeten bevatten over op het aspect openbaarheid gerichte indicaties. Voor bijvoorbeeld het Toepassingsprofiel Metadatering lokale overheden (TMLO) (Metagegevens) is dat het geval, waarbij die indicaties overigens zijn verdeeld over twee elementen van het profiel:

  • element 17: Vertrouwelijkheid, met als definitie 'Indicatie van niveau van vertrouwelijkheidDe eigenschap dat informatie niet beschikbaar wordt gesteld of wordt ontsloten aan onbevoegde personen van informatie (record)', en bedoeld voor gebruik in de periode tot overbrenging naar een archiefbewaarplaats;
  • element 18: Openbaarheid', met als definitie: 'Mogelijke beperkingen aan de raadpleging', en bedoeld voor de periode na overbrenging.

Bij beide elementen kan men een of meerdere combinaties specificeren van een 'niveau' (resp. benoemd als 'clasificatie/niveau' en 'omschrijving beperkingen') én de periode waarvoor dat niveau van toepassing is. Bij element 18 zijn 'openbaar' en 'beperkt openbaar' benoemd als mogelijke waarden voor het benoemen van het openbaarheidsniveau (in het profiel 'omschrijving beperkingen' genoemd). Bij element 17 is 'vertrouwelijk' benoemd als een van de mogelijke waarden van het vertrouwelijkheidsniveau. De ontwerper van het profiel heeft gemeld dat men hier waarden als 'openbaar' of 'beperkt openbaar' eveneens kan gebruiken.

Als niveaus van 'vertrouwelijkheidDe eigenschap dat informatie niet beschikbaar wordt gesteld of wordt ontsloten aan onbevoegde personen' en 'openbaarheid' wijzigen, dan kan dat (moeten) leiden tot een actie, zoals publicatie. Bij gebruik van het TMLO kan men dergelijke acties op metagegevensniveau vastleggen ('inplannen') met gebruikmaking van element 13: Eventplan.

Meer informatie

Van alle informatie die de overheid beheert heeft een aanzienlijk deel de status van archief. De visie Open overheid heeft ook daarop betrekking. Deze publicatie legt de link tussen archivering en actieve openbaarmaking. Ook wordt uitgelegd hoe organisaties zo kunnen archiveren dat het resultaat is voorbereid op het digitaal openbaar maken ervan.

Redactie en contact

Reacties in de vorm van aanvullingen, verbetersuggesties of eigen materiaal kunnen naar Xander van der Linde, coördinator NORANederlandse Overheid Referentie Architectuur Digitale duurzaamheid, nora@ictu.nl met een c.c. naar architectuur@ictu.nl.



  1. Zie www.nationaleombudsman.nl/nieuws/2012/ombudsman-spreekt-over-open-overheid-bij.